Paramaribo-Brussel: een rijke uitwisseling

Met het project “Urban Entrepreneur Mobile” ondersteunt Urban House Suriname jonge, creatieve ondernemers uit Suriname. Gepassioneerde creatievelingen die een grotere bekendheid en afzetmarkt verdienen, ook buiten Suriname. Sinds 2018 hebben Paramaribo en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest een stedenband. En zo vond Urban House in het Brusselse Citizenne de ideale partner om dit internationale project mee vorm te geven. Want ook Citizenne vertrekt steeds vanuit de kracht, de sterktes en de talenten van mensen en groepen.

De Alakondre-filosofie alom tegenwoordig in de hyperdiverse Surinaamse samenleving vinden wij inspirerend en leerrijk.

Een beetje geschiedenis
In 2019 lanceerden Aline Dusabe, oprichter van Urban House Suriname, en An Macharis, coördinator van Citizenne, een oproep via sociale media naar jonge creatieve ondernemers tussen de achttien en vijfendertig jaar om deel te nemen aan een uitwisselingprogramma met Brussel. Voorwaarden om te kunnen deelnemen: wonen in Paramaribo en professioneel actief zijn in de creatieve sector.

 

Aline: “We ontvingen veel reacties. Helaas voldeden ze niet allemaal aan het niveau dat wij voor ogen hebben. Het project is veel te kort om pas gestarte creatievelingen te ondersteunen. Ook ondernemers uit andere districten vielen uit de boot doordat de stedenband zich beperkt tot Paramaribo en Brussel. Uiteindelijk selecteerden we 6 creatieve ondernemers: musicus Jason Eduwati, sieradenontwerpster Jenevieve Apinsa, modeontwerpster Tifén Akobe, kunstschilder Rachel Nijman, maker van kruidenthee Delvin Bisoina, sieradenontwerpster en woordkunstenares ‘Toepie’.”

Aline: “Het project nam een vliegende start in 2020. 
Citizenne en Urban House organiseerden een intensieve trainingsweek om de creatievelingen te versterken in hun persoonlijke ontwikkeling als ondernemer. Een learning community kreeg vorm. Tot corona het project zo goed als vleugellam maakte. De levensomstandigheden van de gemiddelde Surinamer werden er niet makkelijker op. Voor creatieve ondernemers was financieel rondkomen een bijna onmogelijke zaak. Het programma had als doel om de ondernemers van daar naar België te laten komen en omgekeerd maar corona besliste daar dus anders over. Live ontmoetingen waren niet meer mogelijk maar via haperende en krakende internetverbindingen werkte het collectief van creatievelingen hard aan een digitaal platform: ‘Un pasi un craft -
- We sori yu unu pasi onder leiding van Jurgen Mormon, onze sleutelfiguur in Paramaribo.

Corona zorgde voor de geboorte van een digitaal platform: un pasi un craft – we sori yu uno pasi

Webshop

Intussen werkt Aline als vaste medewerker voor Citizenne en is het leven in Suriname terug “normaal”. Tijd om de draad opnieuw op te pakken en de banden weer aan te halen.

In november trokken coördinator An Macharis, educatief medewerker Aline Dusabe en kunstenares Suzanne Groothuis samen naar Suriname om het project nieuw leven in te blazen. Ondanks de gigantische economische crisis in Suriname bleek de learning community van creatieve ondernemers springlevend en konden we onder meer een prélancering van het digitale platform organiseren op 11 november.

“Deelnemers aan het project en hun ondersteuners waren hiervoor uitgenodigd”, zo vertelt An. “Het is de bedoeling dat we het online platform even laten zien en ruimte creëren om mogelijke aanpassingen te bespreken. Dit platform moet uitgroeien tot een heuse webshop waarop ze hun producten kunnen verkopen, ook na afloop van het project”.

Mobiel kunstwerk

Naast de uitbouw van de webshop willen we ook het publiek terug live betrekken. Hiermee gaat deel 2 van het project in. Kunstenares Suzanne Groothuis en haar Surinaamse collega Ken Doorson zullen samen met de andere ondernemers een mobiel kunstwerk maken.
“ Mobiel omdat dit kunstwerk moet kunnen reizen”, vertelt Suzanne. “Het heeft een dubbele functie: een plek creëren waar de jonge ondernemers hun producten kunnen tonen aan een breed publiek én waar ze workshops en concertjes kunnen organiseren voor de buurtgemeenschap”.

“Want ook dat delen Urban House en Citizenne: leren van en met elkaar doe je niet enkel in een klaslokaal. Integendeel zelfs, leren doen we misschien nog het best in de contexten waar we dagelijks vertoeven, in de stedelijke, publieke ruimte,” vult An aan.

Het idee is dat Suzanne en Ken een soort structuur maken wat de jonge creatievelingen dan verder zelf kunnen invullen. Er is met andere woorden veel ruimte voor hun ideeën.
“In februari en maart zullen we samen aan het kunstwerk werken,” zegt Suzanne. “We zullen gebruik maken van traditionele technieken en materialen zoals bamboe en de weeftechniek die wordt toegepast bij het maken van Javaanse matten. Ik vind het best bijzonder dat tradities worden meegenomen in hedendaagse creaties. In april presenteren we dan aan het grote publiek.”

Laagdrempelig

Een mobiel kunstwerk geeft Surinamers de kans om van kunst te genieten in een openbare ruimte. Daarnaast maakt het de kunstenaars heel zichtbaar en krijgen hun producten meer bekendheid.
Aline, die enkele jaren in Paramaribo woonde, ziet al heel wat mogelijkheden waar dat mobiele kunstwerk zou kunnen staan. Aan de opstapplaatsen van waaruit de bussen naar de woonwijken vertrekken bijvoorbeeld.

“De bedoeling is om meerdere plekken te creëren in Paramaribo, maar ook om die op de een of andere manier naar Brussel te brengen”, zegt An.

“Wat we nog naar Brussel willen brengen is hoe Surinamers met diversiteit omgaan. De Surinaamse bevolking bestaat uit veel verschillende bevolkingsgroepen. De oorspronkelijke bewoners zijn de inheemsen. Vandaag de dag leven er ook Creolen, Marrons, Javanen, Hindoestanen, Chinezen, Europeanen en Moslims. Het bijzondere aan dit land is dat de culturen harmonieus naast elkaar leven. Alle feestdagen van de verschillende bevolkingsgroepen worden daar bijvoorbeeld door iedereen gevierd. De Alakondre-filosofie alom tegenwoordig in de hyperdiverse Surinaamse samenleving vinden wij inspirerend en leerrijk.”

 

 

‘Met steun van de Gewestelijke overheidsdienst Brussel – Brussels International’